De donkergroene handschoen lag op het fietspad alsof zijn eigenaar hem voelde glippen en dacht: jou pik ik in Oktober wel weer op. Niet zo dramatisch als de geexplodeerde pot pindakaas even verderop, maar absoluut een teken van de tijd.
Huizen, fietsen en verkeersbonnnen komen elk in drieen sinds ik weer in Ams gestationeerd ben. Hoe het precies zit weet ik niet, maar een fiets hoeft hier maar de grond te raken of het spatbord schiet eraf, een trapper raakt los of een versnellingskabeltje knapt, er valt niet tegenop te repareren. Vervolgens sta je in zijn drie op een halve trapper de ochtendzon uit je ogen te zweten. 't Kan erger. Namelijk wanneer die blauwe rakkers weer eens naast je stilhouden omdat je door het rood bent gefietst. Sommige mensen sparen voor modelvliegtuigjes of kunstcatalogi, mijn dure hobby is verkeerslichten negeren.
Een nieuwe plek, tussen betontorenopslag, motorbendehoofdkwartier, gevangenis en trekvaart. Even wennen denk ik. Net als aan het zonder handschoenen op stap gaan. Zo is het maar net.
vrijdag 25 maart 2011
zondag 26 december 2010
De fijne dagen; Of; Vrede met een grote T
Met enig kunst en vliegwerk heb ik dit jaar de kerstprogrammering van de televisie weten te omzeilen, en ook ben ik de afgelopen weken, eerder toevallig dan wijselijk, uit de buurt gebleven van de seizoensradio. Dit alles zorgde ervoor dat bij aankomst met de broers en zussen op het kerstadres de oude CD's met bellen en roodbont tevoorschijn moesten gehaald om het kerstgevoel direct op te wekken. Met name de CD die de 'VPRO gids' jaren geleden als extraatje rond de feestdagen verspreidde slaagde hier wonderwel in met sfeervolle titels als "Hij was maar een neger" en "I hang myself from the tree".
Door het heldere weer zat er ook een wandeling in voor het hele gezin, en daarnaast ook de hele buurt, want in het lokale stukje bos was het bijna file. Toch was de schoonheid van de onder de sneeuw zuchtende takken intimiderend genoeg om de aanvechting een jong tweeverdienersgezin volkomen in te peperen op tijd te doen wegebben. Binnen onze familie met aanhang kwam echter niemand er zonder kleerscheuren af: broertje en vriendje van zusje deden met liefde mee met een soort combinatie van rugby en curling op een onaangeroerde akker die ons plots in yeti's deed veranderen, en ook het vriendinnetje van broertje klaagde op een bepaald moment over sneeuw in haar onderbroek.
Toen om half twaalf 's nachts de laatste van negen gangen was klaargemaakt, opgediend en doorgeslikt rolden de deelnemers een voor een de trap op, het laatste beetje energie benuttend dat niet in de maag nodig was om het overdadig aangename slagveld op te ruimen. Met een overvolle buik rolde ik nog wat onrustig heen en weer in mijn bed. Waar de ideale kerstgedachte toen was weet ik niet, maar niet in mijn hoofd. Stilletjes dankte ik namelijk de hemel dat het me aan de schoonfamilie ontbreekt om nog een dag, gekluisterd aan de huiselijkheid, verwacht te worden zulke hoeveelheden voedsel soldaat te maken. Kerst is vrede met een grote T.
zondag 12 december 2010
Trapoptocht
Onder het mom van “eigen haard is goud waard” ben ik deze week op zoek gegaan naar een kachel. In dat verband ook kwam vandaag Piet samen met Harrie mijn rookkanaal controleren en schoonmaken. Ik had zelf alleen Piet verwacht, maar Harrie hoorde er blijkbaar bij. Toen de kachelverkoper mij eergister het papiertje gaf met daarop de naam en het telefoonnummer van ‘het schoorsteenmannetje’ vertelde hij dat ik maar moest zeggen dat ik ‘door die jongens uit Bos en Lommer’ was gestuurd. Ik stapte op de fiets en trapte stevig tegen de dichte mist in om eerder thuis te zijn dan mijn nieuwe aankoop, die per auto werd nagebracht.
Toen ik belde nam iemand na twee keer overgaan de telefoon op: “ Met Piet!”. Komt dat eens even mooit uit, dacht ik bij mezelf, die moet ik nou net hebben. Ik vertelde hem dat ik door de ‘Bos en Lommerse kacheljongens’ was gestuurd en we spraken af dat hij de volgende dag langs zou komen. Dat ik ook met Harrie van doen zou krijgen was voor mij toen nog geheel een verrassing.
De opmerking van een vriend dat een schoorsteenmannetje toch minstens een jaar of vijftig zou moeten zijn werd niet tegengesproken door de illustere verschijningen die, met enige moeite, de steile trap naar mijn woning opklommen. Allebei niet ver meer van de VUT. De taakverdeling tussen beide heren was af te lezen trapoptocht: voorop Piet met professionele glimlach, en daar achteraan Harrie met het gereedschap.
Handig knielde Harrie neer voor de schoorsteenmantel, rolde een veger uit en grijnsde en fronste afwisselend terwijl deze zich een weg naar boven zocht. Piet stond er met zijn handen in zijn zakken bij te kijken. Binnen twee minuten was het gepiept. Het controleren van het rookkanaal bleek al even simpel: Harrie stak een papiertje aan hield het bij de ingang van het kanaal. De vlam werd met een vaart het gat in getrokken. “Kijk, hij moet zuigen, dan doet hij het.” Nou, dan deed hij het, want mijn rookkanaal zoog zo enthousiast als een 15-jarig meisje met een reputatie. Even vlug als ze de steile trap waren opgeklommen liepen ze weer naar beneden, waar ik hun betaling uit de pin automaat haalde.
Het bonnetje vertelde € 21,-, maar omdat ik geen kleingeld had en Piet het wisselgeld niet uit zijn auto wilde halen, was ik voor € 20,- klaar. Harrie knipoogde: “Nog een fijne dag hè!” en weg waren ze. Alweer eens stapje dichter bij een warme haard.
Toen ik belde nam iemand na twee keer overgaan de telefoon op: “ Met Piet!”. Komt dat eens even mooit uit, dacht ik bij mezelf, die moet ik nou net hebben. Ik vertelde hem dat ik door de ‘Bos en Lommerse kacheljongens’ was gestuurd en we spraken af dat hij de volgende dag langs zou komen. Dat ik ook met Harrie van doen zou krijgen was voor mij toen nog geheel een verrassing.
De opmerking van een vriend dat een schoorsteenmannetje toch minstens een jaar of vijftig zou moeten zijn werd niet tegengesproken door de illustere verschijningen die, met enige moeite, de steile trap naar mijn woning opklommen. Allebei niet ver meer van de VUT. De taakverdeling tussen beide heren was af te lezen trapoptocht: voorop Piet met professionele glimlach, en daar achteraan Harrie met het gereedschap.
Handig knielde Harrie neer voor de schoorsteenmantel, rolde een veger uit en grijnsde en fronste afwisselend terwijl deze zich een weg naar boven zocht. Piet stond er met zijn handen in zijn zakken bij te kijken. Binnen twee minuten was het gepiept. Het controleren van het rookkanaal bleek al even simpel: Harrie stak een papiertje aan hield het bij de ingang van het kanaal. De vlam werd met een vaart het gat in getrokken. “Kijk, hij moet zuigen, dan doet hij het.” Nou, dan deed hij het, want mijn rookkanaal zoog zo enthousiast als een 15-jarig meisje met een reputatie. Even vlug als ze de steile trap waren opgeklommen liepen ze weer naar beneden, waar ik hun betaling uit de pin automaat haalde.
Het bonnetje vertelde € 21,-, maar omdat ik geen kleingeld had en Piet het wisselgeld niet uit zijn auto wilde halen, was ik voor € 20,- klaar. Harrie knipoogde: “Nog een fijne dag hè!” en weg waren ze. Alweer eens stapje dichter bij een warme haard.
Abonneren op:
Posts (Atom)