Een klein gedachte-expiriment. Lees de volgende tekst eens rustig door:
Zijn kamer is voor het eerst sinds maanden opgeruimd. Schoon zelfs. De afwas in de keuken is gedaan, het oud papier staat buiten en zijn koelkast en voorraadkast zijn gevuld. Verdwaasd zoekt hij om zich heen naar dingen die gedaan kunnen worden.
Het is donker, blauw monitorlicht schijnt op de stapels boeken om hem heen, waarvan hij er telkens willekeurig eentje oppakt, wat regels leest en weer weglegt. Ineengedoken zit hij op zijn waardeloze klapstoel voor de computer. Hij staart naar de knipperende cursor in Word, een zenuwtrek schiet door zijn gezicht. Menig toeschouwer zou een zenuwinzinking vermoeden... en hij zelf weet het uit radeloosheid eigenlijk ook allemaal niet meer. De bronvermelding is voor elkaar. Nu die overige 3000 woorden nog.
Goed. Doet bovenstaand verhaal je ergens aan denken?
Hoe alarmerend het ook aandoet, het is voor mij een terugkerend fenomeen dat inherent lijkt aan studeren. Want hoewel de verlammende radeloosheid die me bij het schrijven van essays in de duizendtallen van woorden overvalt een klinisch geval lijkt, elke keer kom ik er na de eindsprint naar het postvakje om 16.59 toch weer uit als een mentaal gezond menselijk exemplaar.
En het gekke is dat ik er op een bepaalde manier van geniet. Dat ik een gevoel van uitdaging door mijn onderbuik heb gieren als ik weet dat ik 2 weken 4 essays van topkwaliteit moet zien af te krijgen. Dan kijk ik uit naar de snelle ongezonde maaltijden, familieverpakkingen koffie en de sensatie van gestage waanzin. Wat mij betreft is niets is zo goed voor een adrenalinejunk als de gegarandeerde constante toestroom die vrijkomt tijdens twee weken fulltime typen.
vrijdag 16 mei 2008
dinsdag 6 mei 2008
Toekomstmuziek in een notendop
Daar waar informatieverstrekking tegenwoordig steeds moeilijker te kanaliseren valt, en de illusie van een centraal uitgiftepunt uitgebreid is gedeconstrueerd, zal ik deze publicatie, en het weblogmedium waarvan het onderdeel uitmaakt, toch als zodanig beschouwen. Laat het zo zijn dat realisme en gemak mij aanzetten tot een herinterpretatie van het aloude maxim: "wie mij liefheeft, volge mij (en mijn blog)".
Zodoende beschouw ik hierbij het volgende nieuws als 'wereldkundig' in de algemene zin van het woord, namelijk dat zij die zich de moeite getroosten over deze infornamtie te beschikken daar volledig toe in staat zijn wanneer ze aan de randvoorwaarden van deze culturele uitwisseling voldoen. Deze randvoorwaarden zijn toegang tot internet en kennis van de website, dan wel iemand die over deze kennis beschikt en bereid is deze te delen. Dat ik hierbij bepaalde zelfbenoemde bevolkingsgroepen en individuen die zijn ondergebracht in demografische categorieen vervreemd en achterstel is een gegeven dat ik onderken, betreur en meeneem in de overweging van alternatieven in de toekomst.
Een korte inleiding:
De afgelopen 3 jaar heb ik aan de Universiteit Utrecht gestudeerd om uiteindelijk te beschikken over een 'Bachelor of Arts' diploma in Theater-, Film- en Televisiewetenschappen. Van de 180 ECTS studiepunten die daarvoor noodzakelijk zijn heb ik er in Utrecht 165 verzameld. Momenteel ben ik aan Monash University ingeschreven in drie vakken, die bij afronding 22,5 ECTS opleveren. Dit betekent dat ik zeer waarschijnlijk binnen 1 maand mijn Bachelor diploma heb verdient.
Omdat in het Nederlandse universiteitswezen het bachelor- en masteronderwijs pas een decenium van elkaar gescheiden zijn, is de traditionele opvatting dat een Bachelor gevolgd wordt door een Master nog immer diepgeworteld. Als onderdeel van deze traditie heb ik al sinds jaar en dag een beeld van mijn gewenste onderwijspad in mijn hoofd, waarbij ik heb gestreefd naar het volgen van een 'speciale' master, namelijk een tweejarige onderzoeksmaster Media Studies.
Wat deze master zo speciaal maakt is de duur van het traject en de voertaal. Daar waar de overige masters aan het departement voor Media en Re-/presentatie slechts een jaar duren, neemt de onderzoeksmaster twee jaar in beslag. Voor alle stadia in het onderwijs wordt meer tijd uitgetrokken voor verdieping en de uiteindelijke scriptie is twee keer zo lang. De voertaal van de master is geheel in het engels, waardoor de nadruk komt te liggen op internationaal onderzoek. Hoewel niet uitsluitend, werkt de onderzoeksmaster toe naar een vervolg als AIO, oftewel het doen van een promotieonderzoek terwijl in dienst van een universiteit.
Zowel Universiteit Utrecht als die van Amsterdam heeft een dergelijke onderzoeksmaster. Omdat deze onderzoeksmasters langdurige en kritische selectieprocedures hebben heb ik me voor beide ingeschreven met het idee dat ze me beide konden weigeren. Eind vorige week bleek dat ze me beide hebben toegelaten. Reden voor een feestje.
Dus als uitkomst van dit lange en waarschijnlijk saaie verhaal kan ik als mededeling doen dat ik 100% zeker een onderzoeksmaster Media Studies ga doen. Datgene waar ik nog niet uit ben is waar en wanneer. Mijn tijd in op reis laat me zo genieten van zelfs de meest basale handelingen en alledaagse routines dat ik overweeg om na het behalen van mijn bachelor diploma met prima cijfers en een boel extra werk een jaar vrij te nemen. Maar ik weet nog niks zeker en het is momenteel niet meer dan een van de mogelijkheden.
Het beste!
Zodoende beschouw ik hierbij het volgende nieuws als 'wereldkundig' in de algemene zin van het woord, namelijk dat zij die zich de moeite getroosten over deze infornamtie te beschikken daar volledig toe in staat zijn wanneer ze aan de randvoorwaarden van deze culturele uitwisseling voldoen. Deze randvoorwaarden zijn toegang tot internet en kennis van de website, dan wel iemand die over deze kennis beschikt en bereid is deze te delen. Dat ik hierbij bepaalde zelfbenoemde bevolkingsgroepen en individuen die zijn ondergebracht in demografische categorieen vervreemd en achterstel is een gegeven dat ik onderken, betreur en meeneem in de overweging van alternatieven in de toekomst.
Een korte inleiding:
De afgelopen 3 jaar heb ik aan de Universiteit Utrecht gestudeerd om uiteindelijk te beschikken over een 'Bachelor of Arts' diploma in Theater-, Film- en Televisiewetenschappen. Van de 180 ECTS studiepunten die daarvoor noodzakelijk zijn heb ik er in Utrecht 165 verzameld. Momenteel ben ik aan Monash University ingeschreven in drie vakken, die bij afronding 22,5 ECTS opleveren. Dit betekent dat ik zeer waarschijnlijk binnen 1 maand mijn Bachelor diploma heb verdient.
Omdat in het Nederlandse universiteitswezen het bachelor- en masteronderwijs pas een decenium van elkaar gescheiden zijn, is de traditionele opvatting dat een Bachelor gevolgd wordt door een Master nog immer diepgeworteld. Als onderdeel van deze traditie heb ik al sinds jaar en dag een beeld van mijn gewenste onderwijspad in mijn hoofd, waarbij ik heb gestreefd naar het volgen van een 'speciale' master, namelijk een tweejarige onderzoeksmaster Media Studies.
Wat deze master zo speciaal maakt is de duur van het traject en de voertaal. Daar waar de overige masters aan het departement voor Media en Re-/presentatie slechts een jaar duren, neemt de onderzoeksmaster twee jaar in beslag. Voor alle stadia in het onderwijs wordt meer tijd uitgetrokken voor verdieping en de uiteindelijke scriptie is twee keer zo lang. De voertaal van de master is geheel in het engels, waardoor de nadruk komt te liggen op internationaal onderzoek. Hoewel niet uitsluitend, werkt de onderzoeksmaster toe naar een vervolg als AIO, oftewel het doen van een promotieonderzoek terwijl in dienst van een universiteit.
Zowel Universiteit Utrecht als die van Amsterdam heeft een dergelijke onderzoeksmaster. Omdat deze onderzoeksmasters langdurige en kritische selectieprocedures hebben heb ik me voor beide ingeschreven met het idee dat ze me beide konden weigeren. Eind vorige week bleek dat ze me beide hebben toegelaten. Reden voor een feestje.
Dus als uitkomst van dit lange en waarschijnlijk saaie verhaal kan ik als mededeling doen dat ik 100% zeker een onderzoeksmaster Media Studies ga doen. Datgene waar ik nog niet uit ben is waar en wanneer. Mijn tijd in op reis laat me zo genieten van zelfs de meest basale handelingen en alledaagse routines dat ik overweeg om na het behalen van mijn bachelor diploma met prima cijfers en een boel extra werk een jaar vrij te nemen. Maar ik weet nog niks zeker en het is momenteel niet meer dan een van de mogelijkheden.
Het beste!
vrijdag 25 april 2008
Beter tweede dan derde; of is brons gouder dan zilver?
Na een paar weken een normale gang van zaken te hebben gefingeerd, nam TeamMonash me mee op reis naar de universiteitskampioenschappen in Nieuw Zeeland. Mijn leven zou nooit meer hetzelfde zijn.
Een trip voor een universiteitsteam naar Nieuw Zeeland is ook in Australie een onwaarschijnlijke gebeurtenis. Ware het alleen al om de hoeveelheid tax-free alcohol die NZ in mag: een ongelofelijke 3,25 liter p.p. Eenmaal in de door de uni betaalde huurautos in Auckland had niemand in het team
minder dan twee dikbuiken buitenlands gedistilleerd in zijn bezit. In onze door de uni verschafte shirts en hoodies betraden we onze speeltuin voor de week: het IBIS hotel aan het meer. Zoveel moois, ergens moest er zich wel een adder onder het gras van de buren verscholen liggen.
De adder heette Martin en was het hoofd van de sportraad van Monash University. Al vroeg de eerste ochtend maakte hij ons duidelijk waarvoor we hier waren: sport en de naam van de universiteit. Dus de gesponsorde waren dienden bij elke officiele verschijning in en om het veld te worden gedragen, maar wee degene die zijn braakfoto op de voorpagina van de NZ Times zou terug vinden met het monashlogo in zicht: Martin verklaarde de macht te hebben om elk van ons te beletten af te studeren. Als enige kon ik opgelucht ademhalen: uitwisselingsstudent!
Al met al viel de repressie vanuit het officiele kamp reuze mee. De repressie vanuit het informele kamp daarentegen was onweerstaanbaar. Coach en veteranen hadden een even duidelijke boodschap: UNI Games gaat om het leren spelen nadat je hebt gedronken, want basketballen kunnen jullie al. Mijn dank gaat uit naar de clubgenoten bij SBU, de studen
tenballers in Utrecht. Ruim twee jaar ervaring aan dat adres heeft me in de dagen die volgden een groot voordeel opgeleverd. We haalden de finale en gingen uiteindelijk met 1 punt de boot in. Dichter bij het goud komen zonder het te winnen is onmogelijk. Het balen was vervolgens van het hoogste niveau.
De vraag of we nog wat van Nieuw Zeeland hebben gezien beantwoord ik met een wedervraag: "Wat van Nieuw Zeeland bedoel je precies?" We arriveerden in het donker waardoor we 3 uur reden en werden wakker in een consequente miezerbui Oktoberstijl. Deze hield, conform de zojuist genoemde stijlfiguur, drie dagen aan. En dat zijn geen geintjes. De eerste stralen zon braken door op donderdagmiddag, een kwartier voor onze finale, die in het donker was afgelopen. Wat we wel hebben gezien, is de binnenkant van menige horecauitspanning en de grillige mix van Kiwistudenten die zich zoals op een studentenkampioenschap laten aanschouwen. Als een soort goddelijke wraak was het op vrijdag prachtig weer. Iedereen had een kater van het eindfeest en gruwde van de felle zon die zich als ware tegenstander ontpopte in de race om op tijd op het vliegveld te zijn. Die strijd hebben wij uiteindelijk wel gewonnen, al was de marge net zo klein als in de eindstrijd.
Thuis in Melbourne was een lichaam het er niet mee eens dat ik eens een week flink ging studeren en leuke dingen doen. Het vervelende was dat het hier om mijn eigen lichaam ging. Griep greep me bij de kladden, en de week passeerde met weinig verzetten van werk en veel dutjes, citroen- & honingthee en een flinke stapel Australische films uit de unibieb, die het grootste schuldgevoel buiten de deur hield.
De koorts is inmiddels vertrokken en het vooruitzicht op normaliteit voelt op een vreemde manier aantrekkelijk. Voor de komende maand heb ik, behalve deadlines en uni-uren, geen bindende afspraken of vliegtickets. En geen baan. Om de een of andere reden wil het met het vinden daarvan niet zo goed lukken, maar wat daar de reden van is ontgaat me geheel. Of ik er helemaal ontevreden mee moet zijn laat zich ook niet zo makkelijk doorgronden. Laat ik er later eens op terugkomen met het voordeel dat terugkijken met zich meebrengt.
Voorlopig duik ik een museum binnen waneer ik maar kan, verslind de boeken die ik van Sarah mijn voormalige huisgnoot in bruikleen heb en kijk zoveel mogelijk Australische films. Dat is volgens mij ook allemaal goed bestede tijd.
Ajeto buurman!
Een trip voor een universiteitsteam naar Nieuw Zeeland is ook in Australie een onwaarschijnlijke gebeurtenis. Ware het alleen al om de hoeveelheid tax-free alcohol die NZ in mag: een ongelofelijke 3,25 liter p.p. Eenmaal in de door de uni betaalde huurautos in Auckland had niemand in het team
minder dan twee dikbuiken buitenlands gedistilleerd in zijn bezit. In onze door de uni verschafte shirts en hoodies betraden we onze speeltuin voor de week: het IBIS hotel aan het meer. Zoveel moois, ergens moest er zich wel een adder onder het gras van de buren verscholen liggen.De adder heette Martin en was het hoofd van de sportraad van Monash University. Al vroeg de eerste ochtend maakte hij ons duidelijk waarvoor we hier waren: sport en de naam van de universiteit. Dus de gesponsorde waren dienden bij elke officiele verschijning in en om het veld te worden gedragen, maar wee degene die zijn braakfoto op de voorpagina van de NZ Times zou terug vinden met het monashlogo in zicht: Martin verklaarde de macht te hebben om elk van ons te beletten af te studeren. Als enige kon ik opgelucht ademhalen: uitwisselingsstudent!
Al met al viel de repressie vanuit het officiele kamp reuze mee. De repressie vanuit het informele kamp daarentegen was onweerstaanbaar. Coach en veteranen hadden een even duidelijke boodschap: UNI Games gaat om het leren spelen nadat je hebt gedronken, want basketballen kunnen jullie al. Mijn dank gaat uit naar de clubgenoten bij SBU, de studen
tenballers in Utrecht. Ruim twee jaar ervaring aan dat adres heeft me in de dagen die volgden een groot voordeel opgeleverd. We haalden de finale en gingen uiteindelijk met 1 punt de boot in. Dichter bij het goud komen zonder het te winnen is onmogelijk. Het balen was vervolgens van het hoogste niveau.De vraag of we nog wat van Nieuw Zeeland hebben gezien beantwoord ik met een wedervraag: "Wat van Nieuw Zeeland bedoel je precies?" We arriveerden in het donker waardoor we 3 uur reden en werden wakker in een consequente miezerbui Oktoberstijl. Deze hield, conform de zojuist genoemde stijlfiguur, drie dagen aan. En dat zijn geen geintjes. De eerste stralen zon braken door op donderdagmiddag, een kwartier voor onze finale, die in het donker was afgelopen. Wat we wel hebben gezien, is de binnenkant van menige horecauitspanning en de grillige mix van Kiwistudenten die zich zoals op een studentenkampioenschap laten aanschouwen. Als een soort goddelijke wraak was het op vrijdag prachtig weer. Iedereen had een kater van het eindfeest en gruwde van de felle zon die zich als ware tegenstander ontpopte in de race om op tijd op het vliegveld te zijn. Die strijd hebben wij uiteindelijk wel gewonnen, al was de marge net zo klein als in de eindstrijd.
Thuis in Melbourne was een lichaam het er niet mee eens dat ik eens een week flink ging studeren en leuke dingen doen. Het vervelende was dat het hier om mijn eigen lichaam ging. Griep greep me bij de kladden, en de week passeerde met weinig verzetten van werk en veel dutjes, citroen- & honingthee en een flinke stapel Australische films uit de unibieb, die het grootste schuldgevoel buiten de deur hield.
De koorts is inmiddels vertrokken en het vooruitzicht op normaliteit voelt op een vreemde manier aantrekkelijk. Voor de komende maand heb ik, behalve deadlines en uni-uren, geen bindende afspraken of vliegtickets. En geen baan. Om de een of andere reden wil het met het vinden daarvan niet zo goed lukken, maar wat daar de reden van is ontgaat me geheel. Of ik er helemaal ontevreden mee moet zijn laat zich ook niet zo makkelijk doorgronden. Laat ik er later eens op terugkomen met het voordeel dat terugkijken met zich meebrengt.
Voorlopig duik ik een museum binnen waneer ik maar kan, verslind de boeken die ik van Sarah mijn voormalige huisgnoot in bruikleen heb en kijk zoveel mogelijk Australische films. Dat is volgens mij ook allemaal goed bestede tijd.
Ajeto buurman!
Abonneren op:
Posts (Atom)