donderdag 16 juli 2009

Terug in zuidelijk Afrika

De rijp staat op het sportveld als ik tijdens de zonsopgang over de campus van mijn tijdelijke logeerplek kijk in Johannesburg. De kleine verwarming in de kamer is niet voldoende voor de nacht, al stijgt het kwik overdag tot in de twintig. De geur van brandende berm zorgt dat ik vijf jaar terug in de tijd ga.

Met een vertrouwd gevoel kijk ik toe hoe mannelijke familieleden dingen repareren, terwijl ik Frankie, Forest, Bibi en Coco aai. Adje's ex Laura vertelt: "ik was altijd erg blij als Adje vertelde dat zijn familie op bezoek kwam. Dan wist ik dat de dingen het weer gingen doen." Op Waterford is geen les, het lege schoolcomplex heeft wat weg van een decor voor mijn overdenkingen.

Naast me braakt een kind in een plastic zakje, terwijl het volle busje door de gaten in de weg hobbelt. Langs de kant tussen de bananenbomen en kokospalmen, staat de man met de rode vlag druk te zwaaien als teken dat we door moeten rijden, terwijl een cordon Chinese trucks, omzwermd met Mozambikanen in typische donkerblauwe werkersoveralls, de weg tussen Xai-Xai en Inhambane in razend tempo omtoveren tot Zuid-Afrikaanse standaard.

In Maputo red ik me met mijn Spaans, de truc is om alle 's'-klanken in 'zj' te veranderen en het nasale 'ao' als algemene klinker te gebruiken. De verkopers langs de weg fluiten naar me in ongeloof, de woorden "tall man" en "umlungu" (witte man) zijn me inmiddels bekend. Alle Portugese gebouwen zakken in en bladderen af, schel afstekend bij de officiele socialistische overheidsgebouwen. Vlak bij Avenida de Mao Tse Tung verordoneert een agent ons aan de kant te gaan staan, terwijl hij snel een smsje typt. Zijn geweer hangt wat onhandig voor zijn buik als hij met volle handen onze paspoorten probeert te betrappen op fouten. Na een paspoort realiseert hij zich dat hij zijn smeergeld kan vergeten en laat hij ons verder lopen.

Zaterdag het vliegtuig naar Kaapstad, mijn vakantie is voorbij.

zaterdag 9 mei 2009

Wrikken aan een dichte kraan - of - promotiepolitiek 2.0

De noodzakelijkheid van een 'backup plan' voor mijn toekomst werd me voor het eerst duidelijk toen de mededeling mij bereikte dat dit jaar de Amsterdam School for Cultural Analysis (ASCA) afziet van haar gebruikelijke jaarlijkse selectieronde waaruit vier promotieplekken zouden worden verdeeld onder cultuurminnend academia. Wegens een immer dunner wordende geldstroom voor Geesteswetenschappen, zowel vanuit de Universiteit als vanuit centrale organen als de NWO, zag het promotielichaam zich genoodzaakt de toch al druppelende kraan even helemaal dicht te draaien.

Hoewel ik dit jaar nog niet voor een dergelijke gewilde plek in aanmerking zou komen, begin ik steeds meer vraagtekens te zetten bij de haalbaarheid van een academische carriere in dit gebeid van de wetenschap. Waar normaal 80 aanvragen binnenkomen bij ASCA (slagingskans van 5%) zal dit de komende jaren alleen maar toenemen, zowel door het wegvallen van de ronde dit jaar als door de herintreding van werknemers in de cultuursector die de verslechterde economie als een aanmoediging zien om zich verder te scholen.

Verder is de toekomstige promotiefinancieringsstrategie van ASCA in nevelen gehuld en doen de meest fantastische verhalen de ronde. Zo zou binnenkort externe financiering van het traject moeten worden gevonden voordat ASCA dat bedrag zal verdubbelen, hetgeen meer druk zou leggen op toelating in externe organen als NWO's talenten- en mozaiekbeurs, programma's die niet direct bekend staan om hun voorkeur voor geesteswetenschappen in het algemeen en Media Studies in het bijzonder.

Duidelijk is dat zowel de vijver kleiner wordt en het aantal forellen alleen maar toeneemt, een situatie die door geen van de forellen als prettig wordt ervaren. Het enige voordeel van de situatie werd me gisteren tijdens de borrel na de oratie van een hoogleraar bekend gemaakt door de coordinator van het Nieuwe Media traject in Utrecht, die wel een groei aan kwaliteit zag in de aanvragen van de afgelopen jaren. Wel verbond hij ook hier meteen een negatieve noot aan: veel van deze kwaliteit kan niet meer benut worden. Waar 20 tot 30% van de aanvragen niet aan de strenge kwaliteitseisen voldoet, moet zo'n 60 tot 70% met perfect kloppende aanvragen een afwijzing verwerken, een percentage dat de komende jaren alleen maar zal stijgen. Een hoogleraar van de Amsterdamse opleiding merkte cynisch op dat ze weleens heeft voorgesteld om de beurzen onder de aanvragers te verloten ten behoeve van eerlijkheid.

Zodoende schildert zich een toekomst voor me af die zal worden beheerst door de dictatuur van willekeur, kansberekening en verdieping in sociale politieke spelletjes in plaats van meritocratische beginselen. En hoewel ik de meeste vormen van gokken principieel afzweer denk ik dat ik deze gok maar gewoon moet wagen. En dat we in afwachting van het geluknummer met zijn allen moeten blijven wrikken. Wrikken aan die dichte kraan.

maandag 17 november 2008

Zie ginds komt

De herfst ontrolt zich dit jaar op een bepaald unieke wijze... zoals dat paradoxaal genoeg eigenlijk elk jaar het geval is. Dit keer heeft het te maken met een rugblessure die het evenwicht tussen studeren en sporten dusdanig in de war schopt.

Vandaag stond ik op het Rokin te wachten tot de goede Sint zijn opwachting zou maken. Naast me stond mijn Amarikaanse logee, die na het zien van aanplakbiljetten, foto's en het opvangen van gesprekken op eerdere dagen zo in de ban was geraakt van dit 'exotische feest'. De hekken voor ons stonden dicht, al was er alleen nog maar sprake van onrustige kinderen en ouders die verveeld op hun horloges keken. Ongeacht het late uur op de avond ervoor stond ze erop het schouwspel bij te wonen.

Na een gaap te hebben verdrongen kwam daar de eerste afgevaardigde van de Heiligenstoet voorbij: een zwarte piet achterop bij een moteragent. Vertrouwde kost voor mij, maar naast me werd er ineens heftig gereageerd. De verbazing lag in haar stem gevangen "was dat een blanke met zwart geverfd gezicht?" Nou, leg dat maar eens uit.


Lichtelijk in het defensief gedrongen voor het bestaansrecht van mijn jeugdtraditie vertelde ik dat het hier niet ging om de representatie van een donker persoon, maar om een schoorsteenveger, die door zijn vuile werkzaamheden een zwart gezicht had overgehouden. Ze komen ook niet uit Afrika maar uit Spanje.

De progressieve inwoonster van California gaf het een paar ogenblikken en nam het toen op voor tradities tegenover multiculturele vraagstukken. "Het is eigenlijk wel leuk", besloot ze, "om te zien hoe Nederlanders zich vroeger Spanjaarden voorstelden". Deze observatie deed me indenken dat we het in de toekomst nog wel eens moeilijk konden krijgen met het beargumenteren van het Sinterklaasfeest tegenover Spanje.


Van de Spaanse toeristen die naast ons aan de reling stonden hoeven we waarschijnlijk niet veel tegenstand te verwachten. Met de MacBikes naast hen tegen de muur riepen ze fanatiek "Piet! Piet! Piet!" naar de passerende gelegenheidsacteurs. Deze beloonden de getoonde moeite met gulheid. Een heerlijk middagje voor eenieder met smaak voor pepernoten, ongeacht of je weet hoe ze heten en waar ze nou uiteindelijk vandaan komen.