zaterdag 2 oktober 2010

Een koude kermis, hoe je het ook wendt of Geert

WAARSCHUWING: het volgende bericht is tot stand gekomen uit pure onmacht en frustratie.

Wanneer het kabinet Rutte-Verhagen doorgang vindt, bewijzen zij Wilders een enorme dienst. Een gedoger gedoogt namelijk niet alleen, maar wordt daarvoor in ruil tevens zelf gedoogd. Dit principe werd altemeer duidelijk tijdens de presentatie van de akkoorden: hoewel Rutte en Verhagen formeel afstand deden van Wilders standpunten, stonden ze wel prachtig in het plaatje waarin de niet-Westerse allochtoon (waaronder de natuurlijk zo gevreesde blanke Zuid-Afrikaan en hoogopgeleide Japanner) de algehele verantwoordelijkheid op zich getakeld zagen voor problematiek die voor het grootste gedeelte niets met hen te maken heeft. Ik voorzie dat ik als Nederlander steeds meer last zal ondervinden van 'Bushisme', een diepgaande schaamte die Amerikanen post-2001 ondervonden wanneer zij gevraagd werden zich te verantwoordenover de politiek in hun land. het medelijden dat anderen dan met me kunnen hebben kan 'Wil-deernis' worden genoemd.

Op het moment beslist het CDA op zijn congres over samenwerking met de PVV. Hoewel de stemming nog niet duidlijk is kan ik alvast vertellen dat een meerderheid van de verzamelde fatsoenlijke mannen (Waar zijn toch die geëngageerde vrouwen op het CDA-congres?) ondanks grote bezwaren zal instemmen met de opzet van Rutte-Verhagen. Door op een live-uitzending de begrijpelijke frustratie te tonen bij een groot deel van de leden die vervolgens aan de kant worden geschoven is politieke zelfmoord. Verhagen had deze openbare splijting en het verlies van geloofwaardigheid kunnen vermijden door inderdaad de door hemzelf bepleitte bescheidenheid in acht te nemen. Ik denk dat we de houding van Verhagen op het moment van veel het toonbeeld kunnen noemen, maar bescheidenheid zit daar nou net niet tussen. Het CDA heeft door onhandig manouvreerwerk zichzelf als middenpartij opgeheven en zal daarvan in de toekomst de rekening krijgen, ook al lijkt het op de korte termijn voordelig te zijn voor ze.

Niet dat ik persoonlijk veel op heb met het lot van de christen-democraten. Graag had ik ze eindelijk eens gerelegeerd gezien tot 4 jaar aan de interruptiemicrofoon. Dat daar nu juist voor de verandering eens naast alle linkse partijen ook de centrumlinkse PvdA mag aanschuiven is tekenend voor de verhoudingen in het land: het lijkt erop dat we het steeds meer met elkaar oneens dreigen te worden.

Nu dan het regeertakkoord. Complete armoede en morele leegstand, wars van elk principe. Wel privatisering van de huren en geen afschaffing van de hypotheekrenteaftrek. De eigen bijdrage in de zorg omhoog en het toestaan van marktwerking in ziekenhuizen. Het lijkt erop alsof de VVD het meest tevreden mag zijn, maar op hetzelfde moment hebben zij geen ophoging van de pensioensleeftijden voor 2020 weten te ritselen, het ontslagrecht niet kunnen aanpassen en maar mondjesmaat bezuinigingen kunnen aankondigen waarvan de haalbaarheid hoogst omstreden is. Een zij heeft zich uitgeleverd aan de grillen van een politieke huurling die geen middel zal schuwen om een situatie in zijn voordeel te benutten.

Want wie is nou die de lachende derde? Dan toch maar die enge meneer met zijn enge gedachtengoed, calculerende uitspraken, misselijkmakende generaliseringen, lage stoten en symboolpolitiek waar de andere rechtsgeorienteerde parijen zich geen raad mee weten, en dat tot het tragische toe uitstralen, getuige het knullige parket waarin zij zich hebben weten te wurmen. Links kan worden kwalijk genomen dat zij het niet hard genoeg hebben gespeeld tijdens de aanloop naar de verkiezingen: met een standvastere linkse koers binnen de PvdA had Cohen, en niet Rutte, de onderhandelingen mogen bepalen.

Er wordt gezegd dat je appels niet met peren dient te vergelijken. Maar als ik kijk naar de komende periode in de Nederlandse politiek zie ik geen enkele toffe peer, maar één hele grote zure appel. Terugkeren naar Nederland voelt niet alleen kwa temperatuur maar ook politiek en maatschappelijk aan als een koude kermis. Hoe je het ook wendt of Geert.

dinsdag 21 september 2010

Een leven met pootjes

Op het terras schrik ik op en vult mijn hart zich met de warmte van herkenning als ik in een voorbijganger een Nederlander herken... die schoenen, dat haar, die gezichtsstructuur, dat kan niet anders! Ik heb gelijk, maar de bijzonderheid van deze tegenkomst neemt snel in veelzeggendheid af als ik me realiseer dat ik niet meer in Zuid-Afrika zit.

Hoewel ik nog steeds de telefoon in het Engels opneem en de buitentemperatuur de rillingen over mijn lijf laten lopen, zit ik al binnen een week achter mijn eigen tafel in een versgeverfd en schoongemaakt huisje met mijn eigen spullen uitgestald om me heen, ligt mijn inschrijvingsbrief van de gemeente op de mat, heb ik mijn scriptiebegeleider gesproken, groen licht gekregen voor afstuderen binnen twee maanden, heb ik vrienden en familie terug in mijn leven en rinkelt mijn telefoon met nieuw afgesloten abonnement geregeld.

Het is ongelofelijk hoeveel het scheelt om te weten van wie je een auto, boor of tegellegkwaliteiten kan lenen als een nieuw leven uit de grond gestampt moet worden. Was ik ergens anders dan in Nederland geland dan was ik al blij geweest in deze zelfde tijd alleen woonruimte gevonden te hebben. Als ik er even bij stil staat dan duizelt het me te bedenken dat ik alweer zo snel op mijn pootjes terecht ben gekomen.

Nu zal het de kunst zijn mijn terugkomst nog wat stil te houden, zodat ik de komende tijd zonder teveel afleiding aan mijn scriptie kan werken. Daarna wacht de wereld. En zeker een feestje om dat te vieren.

maandag 23 augustus 2010

Een explosieve anti-climax


Met donderend geraas kwamen ze naar beneden, de dames van Athlone, koeltorens die 40 jaar lang de wijk op de kaapvlakte haar unieke karakter hadden gegeven. Tienduizenden mensen hadden zich verzameld nadat was aangekondigd dat op Zondag om twaalf precies twee afgemeten implosies een einde zouden maken aan de twee kenmerkende gezichten van Kaapstad. Sommige keken vanaf 'Rhodes Memorial', hoog op de berg boven de Universiteit van Kaapstad. Anderen hadden een uitkijkpost ingericht op de verafgelegen Signal Hill. Diegene met de minste bezorgdheid omtrent brokstukken of de verwachte verkeerschaos vanwege afgesloten wegen reden naar naastgelegen wijken Langa en Pinelands.

Het had allemaal een erg festieve sfeer, zoals dat wel vaker gebeurt wanneer ze,
zoals mijn huisgenoot het omschreef, ‘van niets iets maken’. Grappende mannen hadden ladders meegenomen en stonden tegen hekken aangeleund, families hingen rond in hun zondags best, en de politie maande auto’s om te draaien. Af en toe kwamen slierten bewolking over, maar de miezer kon de pret niet verpesten.

Toch waren lang niet alle ogen gericht op de torens toen met een schelle klap, als van metaal op metaal, de immense gebouwen in enkele seconden inelkaar brokkelden. De sirenes hadden ons gewaarschuwd, maar eenieder die eerder die dag de tijd op zijn horloge had gecheckt wist dat er nog vier minuten te gaan waren. Net als velen deed ik de sirenes af als een 'nog vijf minuten' signaal.

Het was het enorme geluid dat mijn blik naar de torens trok, die inmiddels door de vertraging van geluid, al halverwege hun eenrichtingsweg waren. Niet iedereen was zo fortuinlijk: verder weg waren de torens op het moment dat het geluid de oren bereikte als helemaal tot stof vergaan. Tot grote verbazing van vele verbolgen feestgangers was het enige dat ze van de explosie zagen een grote wolk stof.

De keuze voor de voortuidige ontploffing was van technische aard en had te maken met een naderende bui. Toch werd het voorval de dynamietici niet in dank af genomen. Op de vraag of de snelweg nu ook 3,5 minuten eerder weer open zou gaan reageerde de agent wat nors: ook hij zal de explosie waarschijnlijk hebben gemist. En zo gek is

het ook eigenlijk niet dat de meeste mensen om 11.56.33 nog niks verwachtten: in een stad waar alles rustigaan gebeurt zal het de eerste keer zijn geweest dat een officiele gelegenheid te vroeg heeft plaatsgevonden.